Home » Over de Apostolische vaders en enkele andere bijzondere personen.

Over de Apostolische vaders en enkele andere bijzondere personen.

Wat er aan vooraf ging.

 

De kruisiging en het sterven van Jezus Christus en daarna Zijn opstanding en Hemelvaart heeft enorme gevolgen gehad in de wereld. De satan was verslagen. Het enige wat hij nog kon uitrichten was het vervolgen van de christelijke kerk.

Nadat de Heilige Geest was uitgestort over de Twaalf Apostelen en de preek van Petrus kwamen er velen tot geloof. Lees hiervoor Handelingen 2.

Hoe kon het evangelie zo snel in tal van landen worden verspreid?

Judea was in die tijd een landstreek of provincie waarin de belangrijke stad Jeruzalem lag.

Het was het Joodse oogstfeest. In Leviticus 23 vers 15 kun je het lezen wat het feest inhoud. Er waren heel veel mensen naar Jeruzalem gekomen. Bij duizenden trokken ze op naar het feest.

 

“Parten, Meden, Elamieten, bewoners van Mesopotamië, Judea, Cappadocië, Pontus, Asia, 10 Frygië, Pamfylië, Egypte en de streken van Libië bij Cyrene, en Romeinen, Joden en mensen die zich tot het Joodse geloof hebben bekeerd, 11 Kretenzers en Arabieren. En ze horen allemaal die mannen daar in hun eigen taal vertellen over de geweldige dingen die God heeft gedaan."

 

ParthenMedenenPerzen.gif

 

De Elamieten woonden ten Zuid – Oosten van de rivier de Tigris.

Cappadocië was ten tijde van de Romeinse overheersing een provincie in Turkije. Het ligt tussen de rivieren de Kizril, de Eufraat en de Irmak.

Pontus is een kuststrook langs de Zwarte zee. Het is tegenwoordig Turks grondgebied. Het grenst aan Cappadocië en Armenië.

Azië is het grootste werelddeel op onze aarde. Bij het Azië in de Bijbel moeten we denken aan het Zuid – West Azië.

Frygië ligt in Turkije, nabij Efeze en Kollosse.

Pamfylië is een gebied dat ligt in het zuidelijk Klein – Azië. Het was een uitgestrekt gebied dat lag tussen de Middellandse zee en het Taurusgebergte.

Lybye is het huidige Libië. Dit geld ook voor Cyrene.

Kretenzen zijn mogelijk bewoners van Kreta.

Arabieren zijn bewoners van het noordelijke Afrikaanse gebied.

De Parthen woonden voornamelijk noordelijk in het huidige Iran. De Meden in het Zuid – Westen, en de Perzen in het zuiden van Iran.

Mesopotamië ligt in het gebied van de Eufraat.

 

Al deze mensen spraken een verschillende taal. Het was dus een heel groot gebied waar deze mensen vandaan kwamen.

Iedereen was buiten zijn zinnen. Op die dag kwamen er drieduizend mensen tot het geloof in God. En dagelijks voegde de Here God nieuwe mensen toe aan de eerste christelijke kerk te Jeruzalem. Deze eerste gemeente was één in het belijden van haar Heer en Heiland Jezus Christus.

 

De moorden op de Apostelen.

 

Maar ook ontstond er een heftige tegenstand. De satan staat al op de loer. Hij heeft zijn strijd tegen de Christus verloren. Nu richt hij zich geheel op de volgelingen van Jezus.

Sommigen zeiden dat de Apostelen teveel wijn hadden gedronken. Die kwam eerst vanuit het Jodendom. Denk maar eens aan de steniging van Stefanus in Hand. 7:58-59. Dat gebeurde zo’ n dertig jaar na de kruisiging van Jezus.

De vervolgingen namen hand over hand toe.

Circa tien jaar na de steniging van Stefanus kwam Herodus Agrippa als gouverneur aan de macht. Jakobus, de broer van Johannes, werd gemarteld en vermoord. Phillippus werd hevig gemarteld en gefolterd en daarna gekruisigd. Dat gebeurde circa het jaar 54 in Heliopolus in Frygië. Zes jaar later werd tijdens de prediking Mattheus, bekend van het Mattheusevangelie, door het zwaard gedood. En Marcus, van het Marcus evangelie, werd door een woedende menigte in stukken gescheurd.

Paulus werd onder keizer Nero in Rome door het zwaard gedood. Petrus moet in datzelfde Rome zijn gekruisigd.

Mattias die voor de ontstane lege plaats van Judas werd gekozen werd in Jeruzalem eerst gestenigd en daarna onthoofd.

Thomas die het evangelie in Parthia en India bracht werd daar door een groep heidense priesters met een speer gedood.

 Judas, niet Iskariot, broer van Jacobus, is circa het jaar 72 op het grensgebied tussen Turkije en Syrië gekruisigd.

Barnabas vond in het jaar 73 de dood door moord.

Bartolomeus die het evangelie bracht in Perzië, het huidige Iran, en Armenië en India werd aan de kust van de Kaspische zee levend gevild.

Lucas, van het Lucasevangelie, werd, zo verteld de geschiedenis, opgehangen in Griekenland .

Tenslotte werd de Apostel Johannes door Domitianus naar Pathmos verbannen. Daar schreef hij het Bijbelboek Openbaring. Ook wel de Apocalyps genoemd. Johannes is de enige Apostel die een natuurlijke dood is gestorven.

 

Ook zijn er vele leerlingen van de Apostelen het slachtoffer geworden in de hevige christenvervolging. Maar de kerk groeide door. Het woord werd steeds doorverteld. Steeds weer kwamen er mensen tot geloof door het gepredikte Woord. Dat gaat door tot aan de einden der aarde.

Maar ook de vervolging ging steeds door.

 

Wordt nuchter en waakzaam. Uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden. Weerstaat hem, vast in het geloof” (1 Petrus 5:8, 9).

“Biedt weerstand aan de duivel, en hij zal van u vlieden” (Jakobus 4:7).

 

En zo zal het gaan tot aan de jongste dag.

Polycarpus.jpg

Polycarpus.

 

Apostolische vaders zijn mensen die op één of andere wijze, mogelijk voor een deel, nog les hebben gehad van de Apostelen.

Polycarpus van Smyrna. Polycarpus leefde van 69 -  ca. 156 te Smyrna. Dat is het huidige Izmirin in Turkije. Hij was ook bisschop van Smyrna. Dat is een stad die al in de 11e eeuw voor Christus moet zijn ontstaan. In de Bijbel komt deze stad al voor. In het Boek Openbaring 2 vers 8 tot 11 staat dat de Apostel Johannes moest schrijven aan de engel der gemeente van Smyrna:

 

‘Dit zegt Hij die de Eerste en de Laatste is, en die dood is geweest en weer levend is geworden: 9 Ik weet wat jullie allemaal doen. Ik weet dat jullie vervolgd worden en daardoor arm zijn. Maar toch zijn jullie rijk. En Ik weet dat de Joden slechte dingen over jullie zeggen die niet waar zijn. Die mensen noemen zich wel Joden, maar in werkelijkheid zijn ze dienaren van de duivel.  10 Wees niet bang voor wat jullie zullen moeten lijden. De duivel zal sommigen van jullie in de gevangenis gooien, in de hoop dat jullie je geloof zullen opgeven. Tien dagen lang zullen jullie worden verdrukt. Blijf trouw aan Mij, zelfs als je dat je leven zal kosten. Dan zal Ik jullie de levenskroon geven.’

Bron: http://www.basisbijbel.nl

 

Het zou mogelijk kunnen zijn dat met deze engel Polycarpus wordt bedoeld. In die tijd mocht men alleen maar de keizer van het Romeinse rijk eren. Wie dat niet deed was in hun ogen een godloochenaar. Polycarpus was gevangen genomen. Men eiste van hem dat hij zou roepen: ‘Weg met de godloochenaars. Nu wilde Polycarpus dat wel roepen, want de godloochenaars waren in zijn ogen hen die de keizer aanbaden. Die mensen die dat van hem eisten dus. Dat waren volgens hem de echte godloochenaars. Maar de stadhouder wilde meer. Hij eiste dat Polycarpus zou roepen: ‘Vloek nu uw Christus was de eis.’ Maar dat deed Polycarpus niet. Ook wilde hij niet zweren bij de keizer. Polycarpus werd veroordeeld om voor de wilde dieren te worden geworpen. Maar hij bleef standvastig in het geloof en vertrouwen op God.

‘Als je dan de wilde dieren niet vreest, dan ga je maar de brandstapel op. Het vuur zal je dan wel verteren, zei de stadhouder.’ Nu, dat is gebeurd. Maar de vlammen konden  Polycarpus niet goed bereikten . Een beul maakte toen een einde aan zijn leven. Maar zijn ziel doden konden ze niet. Zijn ziel ging naar God. Polycarpus was één van de eerste martelaren van de nog jonge christelijke kerk.

Onder de regering van Marcus Aurelius, die keizer was van 160 – 180 na Christus, werd de gemeente te Smyrna hevig vervolgd. Velen werden gegeseld, zo erg dat het vlees werd stukgeslagen. Ook werden er voor de wilde dieren geworpen.

 

https://books.google.nl/books?id=uRJiAAAAcAAJ&pg=PA60&dq=polycarpus+van+smyrna&hl=nl&sa=X&redir_esc=y#v=onepage&q=polycarpus%20van%20smyrna&f=false

 

Ignatius van Antiochië.

 

Ignatius.jpg

 

Ignatius van Antiochië.

Petrus wordt gezien als de stichter van de gemeente te Antiochië. In Antiochië worden de leerlingen voor het eerst christenen genoemd. Zie daarvoor Handelingen 11: 26. In deze gemeente is Ignatius herder en leraar.

Van Ignatius wordt vermeld dat hij circa 35 – 50 na Christus is geboren. Hij moet zijn overleden tussen 110 – 117. Hij noemde zich graag Theophorus.

De christenvervolging is op het hevigst. De keizer Trajanus komt persoonlijk naar Antiochië. Het volk loopt uit bij deze gebeurtenis. Trajanus is zeer geliefd bij het volk. Trajanus is vriendelijk naar zijn onderdanen. Hij houdt van zijn volk. Antiochië is pas getroffen door een aardbeving. De keizer komt deze tweede stad van zijn enorme rijk bezoeken.

Het volk zal juichen bij zijn komst. De christenen zullen echter niet juichen. De keizer had bij de wet het christendom verboden. In heel het machtige Romeinse Rijk was geen christen meer veilig.

Eén was er niet bang. Dat was Ignatius. Ignatius was nog een leerling van de Apostel Johannes. Ook de andere Apostelen had hij gekend. Hij had ook nog de verwoesting in het jaar 70 van Jeruzalem, waar hij was geboren, mee gemaakt. Via een reis door andere landen was hij in Antiochië terecht gekomen. In deze plaats, waar Paulus met zijn zendingsreizen was begonnen, werd hij opziener en daarna Bisschop van Antiochië. Hier werkte hij veertig jaren lang. Als hij al op hoge leeftijd is gekomen is dan het moment dat de keizer Trajanus naar de stad komt. Het is dan in het jaar 115.

 

De christenen komen in het geheim samen in een kelder van een vervallen heidense tempel. Hier kwam de gemeente samen. Hier zongen ze hun liederen. Hier luisterden ze naar het door Ignatius gepredikte Woord van God. Na de dienst gingen de gemeenteleden blij naar huis. Ze waren weer gesterkt in het geloof ondanks de enorme vervolgingen. Ignatius blijft met de ouderlingen en diakenen nog wat na. Ze praten dan wat over de komende intocht van de keizer. Ze zijn bezorgd. Ze zijn bang dat Ignatius zich moedwillig in gevaar zal begeven. Maar het bleek vruchteloos te zijn. Ignatius wilde graag voor Christus sterven.

Al vrij spoedig werd Ignatius gearresteerd en voor de keizer geleid.

‘Offer je aan de goden en zweer Christus af,’ was de gebiedende toon van de keizer.

‘Uw leugengoden offeren? Dat nooit. Ik ben een tarwekorrel dat alleen door de tanden van de leeuwen kan worden vermalen.’ Toen gaf de keizer het bevel dat hij naar Rome moest worden gebracht om daar in de arena voor de leeuwen moest worden gegooid.

Nu was van Antiochië naar Rome wel een hele reis. Per schip werd hij vervoerd. De gehele reis was hij vastgebonden aan een bewaker. De reis ging via Smyrna. Daar stond Polycarpus op hem te wachten. Beiden waren studievrienden bij Johannes geweest. Tijdens de reis had Ignatius nog kans gezien om een brief te schrijven aan de gemeente te Antiochië waarin hij hen vertrooste en bemoedigde.

Na een onstuimige en lange reis kwam hij in Rome aan. Circa 70 a 80 duizend mensen hadden de arena gevuld. Alle plaatsen waren bezet. Ignatius werd naar het midden van de arena geleid. Daar stond hij met gesloten ogen en de handen omhoog geheven naar de hemel. Enkele ogenblikken later, nadat de leeuwen hem hadden besprongen was Ignatius bij zijn Heer in de Hemel.

Door zijn dood bekeerden zich velen tot het christelijk geloof.

 

Athanasius van Alexandrië.

 

Een illustratie van j. H. Isings uit In volle wapenrusting. 

Anastasius.jpg

 

Athanasius van Alexandrië.

 

Athanasius werd omstreeks het jaar 295 geboren in het Griekse Alexandrië. Hij overleed in dezelfde plaats op 2 mei 373. Onder de Romeinse keizers maakte hij de verschrikkelijke christenvervolgingen mee. Op 8 juni 328 werd hij benoemd tot patriarch van Alexandrië. Zijn belangrijke voorganger en mentor was Alexander van Alexandrië.

In die tijd was er een zeer ernstige dwaling in de nog ongedeelde christelijke kerk. Dat was het arianisme. Aanstichter van deze dwaling was Arius. Deze Arius, die leefde van 256 – 336, was presbyter van de kerk van Alexandrië. Tegenwoordig heet dat ouderling of oudste in de kerk. Een kerkeraadslids dus.

Wat hield de dwaling arianisme nu precies in? Arius leerde dat Jezus wel een schepsel van God was. Maar niet God zelf. Maar omdat Jezus zulke belangrijke dingen had gedaan moest men hem wel goddelijke eer geven. Hij was, volgens Arius, niet eeuwig God.

Arius haalde dus het hart uit het evangelie.

Het Arianisme leert niet de Drie-eenheid. Jezus, en de Heilige Geest zijn volgens de Arianen ondergeschikte figuren aan God.

Bij de Jehova's getuigen en de hedendaagse Mormonen komt het Arianisme nogal voor. Zoals in de kerk van Jezus Christus in het laatst der Dagen.

 

Nu was er in de gemeente van Alexandrië een enorme strijd gaande over deze leer. Athanasius was een felle tegenstander van deze leer. Hij bestreed deze leer waar hij maar kon. Men vond dat er een speciale vergadering moest komen waar gesproken moest worden over deze dwaling. Deze vergadering noemde men het concilie van Nicea. Dat was in het jaar 325. Op deze vergadering, die stond onder leiding van Constantijn de Grote, werd het Arianisme scherp veroordeeld. Ook de verkondiger van deze leer, Arius, werd veroordeeld. Hij werd verbannen. Later mocht hij wel weer terug komen. Ook Athanasius is een paar keer verbannen. In totaal zelfs 20. In het jaar 365 keerde hij voorgoed terug. Zoals gemeld overleed hij in 373.

Athanasius heeft veel gereisd in zijn leven. Zo ging hij bij een aantal kerken in Egypte op bezoek. Ook tijdens de ballingschappen zit hij niet stil. In Trier zoekt hij contact met de westelijke bisschoppen. In Rome heeft hij contact met de bisschop van die plaats. Daar verblijft hij enkele jaren bij de monniken in de woestijn. Daar schrijft hij een aantal belangrijke stukken waarin hij bewijst zijn gelijk en het ongelijk van de Arianen.

Als hij in 362 terug komt duurt het niet lang of hij moet weer in ballingschap. Ditmaal door keizer Julianus. Maar als deze overlijdt, keert Athanasius weer terug.

Van Athanasius hebben we een prachtige geloofsbelijdenis over gehouden. Ook van het genoemde concilie van Nicea hebben we een prachtige geloofsbelijdenis. Deze staan allebei in het Gereformeerd Kerkboek. Als je die twee stukken goed leest dan weet waar Arius en Athanasius over hebben gestreden. Athanasius was een goed instrument in Gods hand.

 

Ambrosius van Milaan.

 

Ambrosius.jpg

Ambrosius van Milaan. * ca. 313 te Trier - † 04 – 04 – 397 te Milaan.

 

In het jaar 313 kondigde de Romeinse keizer Contantijn het Edict van Milaan af. Dat hield in dat hield in dat de Christenen de vrijheid van Godsdienst kregen.

Samen met zijn broer en zuster werd hij in Rome opgevoed. Zijn vader, ook een Ambrosius, was prefect te Gellië. Ambrosius werd al op jonge leeftijd door keizer Valentinianus aangesteld als stadhouder van de bopper - Italië

 In het jaar 375 werd Ambrosius benoemd tot bisschop van Milaan. Ambrosius was een groot redenaar. Hij heeft de stad veel aanzien gegeven. De keus om hem tot bisschop te benoemen had nogal wat voeten in de aarde. Vanwege de heftige beroeringen die vooraf gingen aan zijn benoeming was hij als Stadhouder met een aantal Romeinse soldaten bij de debatten aanwezig. Om de orde in de kerk te handhaven regelde hij tal van zaken. Dit werk verrichtte hij zeer goed en tot ieders tevredenheid.

De discussie leidde tot felle debatten. Plotseling moet een kinderstem hebben geroepen ‘Ambrosius is de bisschop. Ambrosius wist niet hoe hij het had. Hij? Bisschop? Had hij het goed gehoord? Plotseling riep iedereen dat hij bisschop van Milaan moest worden. Tevergeefs riep hij tot het volk dat hij het niet waardig was om bisschop te worden. Hij zei dat hij in zijn hart wel christen was, maar dat hij nog niet eens was gedoopt. Ambrosius moet de stad zijn uit gevlucht. Maar de keizer beval hem het ambt toch aan te nemen. Bij zijn ambtsaanvaarding en inwijding, op 7 december, schonk hij vrijwel al zijn bezittingen aan de armen.

Bekend is zijn houding tegenover keizer Theodosius. In Thessalonica was een groot oproer onder de bevolking gaande. Nu wist Ambrosius van de driftbuien van de keizer. Deze kon namelijk heel hard en gemeen optreden. Dus ging Ambrosius naar de keizer om hem te zeggen dat hij mild moest zijn. De keizer beloofde het om hun levens te sparen. Maar hij verbrak zijn belofte en doodde zevenduizend Thessalonicenzen.

Enige tijd later wilde Theodosius met zijn gevolg het Heilig Avondmaal in de kerk vieren. Ambrosius die hem zag komen, hield hem bij de kerkdeur tegen.

Hij zei tegen de keizer: Ga terug, uw handen druipen van het onschuldig vergoten bloed. Als u het Avondmaal viert dan verontreinigd u het lichaam des Heren.

Maar de keizer zei, David heeft toch ook zwaar gezondigd, en toch mocht hij weer in de tempel komen?

“Als u David gevolgd bent in de zonde moet u hem ook volgen in zijn berouw. De keizer kon dus gaan.

Maanden later, deed de keizer belijdenis van zijn zonden en mocht hij het Heilig Avondmaal weer vieren.

Grote bekendheid kreeg Ambrosius door zijn ambities in de kerkzang. Hij was het die het antifonische psalmgezang en Hymnen invoerde. Ook maakte hij zelf verschillende gezangen. Vrijwel zeker zijn dat er 5. Heel bekend zijn: Het Morgenlied. ( Aeterne Rerum Condutor), Te Deum Laudamus. Veel van zijn liederen ontroerden menigeen. Ook Augustinus.

Ambrosius was ook een felle tegenstander van de Ariaanse leer.

Op een dag zat er een bijzondere persoon onder zijn gehoor. De al eerder genoemde Augustinus.

 

https://books.google.nl/books?id=RPFfAAAAcAAJ&pg=PA88&dq=ambrosius+milaan&hl=nl&sa=X&ved=0ahUKEwidzKLJztnLAhWHuRQKHU8yDjg4FBC7BQhGMAM#v=onepage&q=ambrosius%20milaan&f=false

Augustinus.

 

Augustinus.jpg

Augustinus.

 

Aurelius Augustinus. Is geboren te Thagaste, thans Souk-Ahras in het huidige Algerije, op 13 november 354. Hij overleed 28 augustus 430 Hippo.

Zijn vader heette Patricius en had een voorname baan als raadsheer. Hij bezat een energievolle werkkracht. Hij was een heiden. Het moet een moeilijk man zijn geweest. Volgens Augustinus moet hij Monica veel hebben geslagen. Sommigen beweren dat hij vlak voor zijn dood moet zijn bekeerd. Maar daar is geen zekerheid over. Patricius is vrij jong overleden.

Augustinus zijn moeder heette Monica, zij was een christin. Zij verzamelde relieken. Dat is echter heel gevaarlijk, Want je brengt jezelf al gauw in de verleiding om daarop je geloof te vestigen. Toch heeft Monica veel voor haar zoon Augustinus gebeden. En die gebeden zijn verhoord.

Toch heeft het nog jaren geduurd voordat Augustinus christen werd, In zijn jonge jaren was het helemaal geen vrome jongen. Nee, hij leidde eerder een losbandig leven. Dat is niet bekend geworden door wat anderen over hem beweerden. Nee, dat heeft hijzelf geschreven in zijn Belijdenissen. Niet dat hij er trots op was. Maar hij heeft zich er niet voor geschaamd.

Gelukkig had Augustinus een goed verstand. Hij kon heel goed leren. Zijn moeder stimuleerde dat. Hij studeerde in Carthago. Daar werd hij ook leraar in de retorica. Dat is een kunst om goed in het openbaar te kunnen spreken. Hij werd een aanhanger van het manicheïsme. Dat is een dualistische stroming met Joods – Christelijke elementen. Maar daar heeft hij later mee gebroken. Deze stroming bestaat vrijwel niet meer. In Carthago woont hij samen met een vrouw. Uit deze relatie wordt een zoon geboren deze draagt de naam  Adeodatus is een zeer goede leerling met een uitmuntend verstand. Deze sterft echter op vrij jonge leeftijd.

Als Augustinus een lezing hoort van Cicero ’ s Hortensius ontstaat bij hem het verlangen om te zoeken naar het hogere.  Hierdoor ontstaat zijn verlangen om filosofie te gaan studeren. Omstreeks eind 373 meld hij zich bij Manicheeërbeweging. Dit was geen christelijke maar veel meer een antichristelijke beweging. Augustinus bleef daar tien jaar aan verbonden. Maar hij ontdekte dat ook deze beweging geen antwoord kon geven over het goed en kwaad in de wereld. Mogelijk was hij alleen maar toehoorder. Hij vond in deze beweging niet wat hij zocht. Hij stortte zich daarna op de neo – platonische wijsbegeerte.

 

Naarmate hij wat ouder werd vatte hij het plan op om naar Rome te gaan. Zijn moeder wilde met hem mee. Op een listige manier wist hij alleen weg te komen. Na enige tijd in Rome te zijn geweest kreeg hij een benoeming om in Milaan leraar in de welsprekendheid te worden. Deze benoeming nam hij aan. In Milaan ging hij naar de grote leraar en redenaar Ambrosius. Nu, dat woord dat Ambrosius sprak greep Augustinus vast in zijn hart. En zo gebeurde het dat Augustinus God vond. En vanaf dat moment vond hij ook zijn moeder in het geloof terug.

Nadat zijn moeder was overleden weer naar het Afrikaanse continent. Eerst wordt hij ouderling of presbyter in Hippo. Daarna aanvaard hij daar de benoeming tot bisschop.

Vanaf die tijd wordt Augustinus ook heel belangrijk voor de kerk. Hij werd een van de knapste geleerden die de christelijke kerk ooit heeft gehad. Ook heeft Augustinus een felle strijd moeten voeren tegen de dwaalleer in de kerk. Deze dwaling kwam van Pelagius. Deze leerde dat alle mensen goed werden geboren. Dus zonder zonde. Mochten ze gaan zondigen dan ligt dat aan hen zelf. Hij zei ook dat Jezus een goed voorbeeld was. Hem na volgen een goed voorbeeld. Kortom hij vond dat de vrije wil van de mens ook na de zondeval nog volkomen intact was. Hij ontkende met klem de erfzonde. Deze gevaarlijke leer werd veroordeeld op de synode van Carthago in 418. Dat wil niet zeggen dat die gevaarlijke leer nu ook de wereld uit was. In de Rooms – Katholieke kerk komt ze nog veel voor.

Er zijn verschillende Bijbelteksten die aangeven dat de Pelagianen en de Semi – Pelagianen ongelijk hebben. Ezechiël 18: 20 en Romeinen hoofdstuk 3: 10 tot en met 18 bijvoorbeeld.

De leer van de Pelagianen en de Semi – Pelagianen dient nog steeds weer te worden bestreden. De Rooms – Katholieke kerk vereert Augustinus nog steeds. Maar Augustinus was eerder meer gereformeerd in zijn denken.

 

Artikel 15 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis.

De erfzonde Wij geloven dat door de ongehoorzaamheid van Adam de erfzonde zich over heel het menselijk geslacht heeft verbreid1. Zij is een verdorvenheid van de hele natuur 2 en een erfelijk kwaad, waarmee zelfs de kleine kinderen in de moederschoot besmet zijn 3. Zij is namelijk de wortel waaruit allerlei zonden in de mens voortkomen. Daarom is ze zó gruwelijk en afzichtelijk voor God, dat zij reden genoeg is om het menselijk geslacht te veroordelen 4. Zelfs door de doop is zij niet geheel vernietigd of uitgeroeid, omdat de zonde altijd uit deze verdorvenheid ontspringt als opwellend water uit een giftige bron 5. Zij wordt evenwel de kinderen van God niet toegerekend om hen te veroordelen, maar door zijn genade en barmhartigheid vergeven6, niet om de gelovigen zorgeloos in de zonde te laten voortleven, maar om hen door het besef van deze verdorvenheid dikwijls te doen zuchten van verlangen, uit het lichaam, dat in de macht van de dood is, verlost te worden (Rom. 7:24). Op dit punt verwerpen wij de dwaling van de pelagianen, die zeggen dat de zonde slechts uit navolging ontstaat.

1 Rom. 5:12-14, 19. 2 Rom. 3:10. 3 Job 14:4; Ps. 51:7; Joh. 3:6. 4 Ef. 2:3. 5 Rom. 7:18, 19. 6 Ef. 2:4, 5.

 

Hieronder enkele wereldberoemde werken van Augustinus:

De civate Dei. (Over de stad Gods) Dit bestaat uit 22 boeken.

De Nederlandse vertaling is van Dr. Gerard Wijdeveld. Het wordt uitgegeven door Ambo te Amsterdam.  ISBN 9789026319952

Confessiones circa 400. Reactiones, een scherpe aanvulling op De civate Dei.

Sermones zijn circa 400 authentieke preken.

Circa 270 brieven.  

 

Zie voor meer over Augustinus op : http://www.augustinus.nl/C64-Biografie.html

 

Mooie link:

https://books.google.nl/books?id=jTp1AAAAQBAJ&pg=PA50&dq=augustinus&hl=nl&sa=X&redir_esc=y#v=onepage&q=augustinus&f=false

 

Constantijn de Grote.

 

ConstantijnvoorRomejpgb.jpg

Illustratie J. H. Isings uit In volle wapenrusting.

 

Constantijn de Grote is geboren te Naissus op 27 februari plm. het jaar 280 te Ancyrona. Hij overleed op 22 mei 337. Hij is dus maar 56 jaar oud geworden.

Constantijn, dat was toch een legerleider?

Ja, was. Maar hij werd later wel wat meer. Maar hij was ook keizer. In zijn tijd waren er wel meer keizers. Ze hadden allemaal een deel van het grote Romeinse Rijk. Eigenlijk wilden ze allemaal wel de baas worden over het hele Romeinse Rijk.

Zijn volledige naam was Flavius Valerius Aurelius Constantinus. Een hele mondvol dus. Maar in de geschiedenis wordt hij gewoon Constantijn de Grote genoemd.

Hij was keizer van een gedeelte van het Romeinse Rijk. Dat was het in die tijd bekende Gallië. Dat land heet nu Frankrijk. Ook bezat hij al Spanje, Brittannië en Germania. Zijn grote tegenstander luisterde naar de naam Maxentius. Deze Maxentius was de keizer van Rome en de Noordkust van Afrika. Dat was natuurlijk ook een enorm groot gebied.

 

De moeder van Constantijn, Helena, was een christen. Zij was veel bezig met het lijden en sterven van de Here Jezus Christus. Er werd van haar verteld dat ze het kruis waar Jezus aan gestorven was opgraven. Ook de spijkers uit het kruishout die werden gevonden werden door haar vereerd. Deze dingen waren voor haar een grote waarde. In het Belgische Brugge bewaard men een paar druppels bloed waarvan men denkt dat deze van Jezus afkomstig zijn. Kortom, zij deed aan relikwieën verering. Een ernstige dwaling die later in de Rooms – Katholieke kerk veel ingang zal vinden. En waardoor het zuivere Woord zal worden verdrongen.

Ook Constantijn kwam later in dit gevaarlijke geestelijke milieu terecht. Hij was wel christen geworden, maar wilde pas vlak voor zijn sterven gedoopt worden. Hij dacht dat dan in één keer zijn zonden zouden worden afgewassen. Maar dat betekent de doop eigenlijk niet. De doop is een teken en zegel. Ook moest hij dan worden gedoopt in water uit de rivier de Jordaan.

Constantijn begreep dit allemaal nog niet. De kerk werd hier, en wordt nog steeds aangevochten. Als de kerk haar krachten niet meer in het innerlijke zoekt maar in het uiterlijke dan loopt zij heel groot gevaar. Ook wilde Constantijn de macht in de kerk naar zich toe trekken. Maar dat is verkeerd. Er is er maar één die de macht in de kerk heeft. Dat is Jezus Christus. In ons eigen land wilde koning Willem de Eerste dat ook. Dat was in 1816 toen de koning een nieuw regelement voorschreef aan de Nederduitse kerk later Nederlands Hervormde kerk.

 

Nu wilde Constantijn keizer worden van het gehele Romeinse Rijk. Maar dat wilde Maxentius ook graag.

s ’ Nachts moet aan Constantijn een visioen. Hij zag een lichtend kruis in de lucht. Daarop stonden de woorden: Hoc Vince. In het Nederlands betekent dat: Overwin hierdoor. Verder moest Constantijn een kruis maken. Want zei de stem: Overwin hierdoor.

 

In het jaar 312 trok Constantijn de Grote met zijn legers vanuit Gallië de Alphen over richting Rome. De legersterkte van Maxentius werd geschat op 100.000 soldaten. Terwijl de legersterkte van Constantijn werd geschat op 40. 000 soldaten. Een heel groot verschil dus. De beide legers troffen elkaar bij het Italiaanse Turijn. Maxentius verloor hierbij het leven door een verdrinkingsdood.

 

En Constantijn? Hij werd later, samen met Licinius keizer van het gehele Romeinse Rijk. Maar dat is weer een ander verhaal.

De gevolgen voor de vele eeuwen vervolgde en verdrukte kerk waren enorm. In 313 vaardigde Constantijn het edict uit dat de christenen vrijheid van Godsdienst werden verleend. Dat noemt men het Edict van Milaan.

Zie ook op: http://www.kro-ncrv.nl/inspiratie/katholiek-abc/e/370-6630-edict-van-milaan

 

Literatuur:

 

Aantekeningen bij de Heidelbergse Catechismus, J. van Bruggen v. d. m. Uitgave Gemeenschappelijk Belang – Assen.

 

Kleine Kerkgeschiedenis van W. Meijer. Uitgave Oosterbaan en Le Cointre te Goes.

 

Calvijn Biografie van Bernard Cottret. Uitgave Kok Kampen.

 

Johannes Calvijn, zijn leven, zijn werk van Willem Balke, Jan C. Klok. Willem van ’t Spijker. Uitgave Kok Kampen.

 

2000 Jaar Christendom door Ann Marie Bahr. Uitgave Kok Averbode.

 

Geschiedenis der christelijke kerk, voor katechizatiën en huisgezinnen door W. Leipoldt, G.W. Sannes, P. Hofstede de Groot. Uitgeverij M. Smit 1868 te Groningen.

 

In volle wapenrusting, Joh. Van Hulzen en L. Keemink en Anne de Vries. Uitgeverij J. B. Wolters te Groningen.

 

Bronnen van het christendom: Petrus, Paulus en Johannes

Door Bastiaan Baan, Christine Gruwez, J. L. M. van Schaik. Uitgeverij Christofoor, Zeist.

 

De Groene Gids Italië. Geredigeerd door M. Magni.